Interview met pastor Vahik

12-09-2012Eind augstus jl. werd de Nederlands-Iraanse Vahik Abrahamian vrijgelaten uit de Iraanse gevangenis. Vahik woonde voor zijn gevangenschap acht jaar in Nederland. Onder diplomatieke druk van Nederland kwam hij dan ook vrij.

HVC-directeur Jan en medewerkster Liesbeth ontmoetten onlangs Vahik, en spraken met hem. Hieronder vindt u een weergave van dit interview. 

Hoeveel christenen zijn er ongeveer in Iran? 
“Dat is moeilijk te zeggen, omdat er veel ondergrondse christenen zijn. Naar schatting zijn er ongeveer twee miljoen christenen in Iran.” 

We horen regelmatig nieuws over de geweldige groei van de christelijke gemeente in Iran. Wat heeft u daar met eigen ogen van gezien toen u in Iran was, en nog niet in de gevangenis zat?
“Het aantal christenen neemt toe in Iran. Velen hebben honger naar Gods Woord en er is veel aandacht voor de Bijbel. Wij spraken met mensen die aan de rand van de maatschappij leven. We kregen daar heel makkelijk contact mee. De familie- en vriendenbanden zijn erg sterk in Iran. Als er dus iemand tot geloof komt, vertelt hij dit door aan zijn familie en vrienden. Ook die gaan dan vaak geloven in Jezus.” 

Iraanse christenen hebben te maken met hevige vervolging. Wat kunnen de christenen in Nederland doen om hen te ondersteunen?
“Christenen in Nederland, maar overal ter wereld, kunnen een grote rol spelen. Ze kunnen bidden voor Iran. Ook kunnen ze onderdrukte christenen financieel ondersteunen, want dat is vaak echt nodig. Broeders en zusters in Iran verliezen vaak hun baan omdat ze gelovig zijn. Je kunt in Iran het beste eigen baas zijn. In alle overheidsinstellingen worden christen niet aangenomen of ontslagen. Er zaten vele christenen met mij in de gevangenis. Zes personen zijn tegelijk met mij vrijgelaten. Ze zijn gevlucht naar Turkije, daar was het veiliger dan in Iran. Het is heel moeilijk voor hen. Ze proberen geld te verdienen door te werken, maar dit mag niet. Ze worden daarom ook niet uitbetaald. Nu proberen ze naar de VS te gaan.”

 Waarom besloot u destijds terug te gaan naar Iran?
“Toen ik in England theologie studeerde, moest ik beslissingen nemen over waar ik heen zou gaan. Ik leerde in die tijd mijn vrouw Sonja kennen. Ze woonde in Iran. Het was in die tijd financieel onmogelijk om haar naar Engeland over te laten komen. Ik heb toen aan God gevraagd: ‘Heer, ik weet niet wat ik moet doen. Hier blijven en wachten tot ik genoeg financiële middelen heb om Sonja hier te krijgen of een bediening starten in Iran?’  God riep mij daarna verschillende malen op om naar Iran te gaan. Hij liet mij weten dat iedereen in Engeland vrij kan geloven, in Iran is dat niet zo. Toen ben ik naar Iran gegaan en daar ben ik getrouwd met Sonja. Daar startte ons werk. Ik zeg ‘ons’, want dominee ben je nooit alleen! We begonnen met het aanspreken van mensen uit de rand van de samenleving. Ik bedoel hiermee de prostituees en de drugsverslaafden.” 

Hoe ging u om met de altijd aanwezige dreiging van gevangenschap en marteling?
“Ik was en ben niet bang voor de dood. In de tijd voor ik christen was, heb ik zoveel zonden gedaan. Die zijn allemaal genadig vergeven. Het belangrijkste voor mij is het dienen van God, ik dacht niet aan de bedreiging.”  

Hoe heeft u vol gehouden in de gevangenis? Kunt u zeggen dat God met u was in de gevangenis?
“Het is genade van God. Hij was bij ons in de gevangenis, juist ook als wij het moeilijk hadden. Ook de gebeden van medegelovigen van over de hele wereld waren fijn. Speciaal op zondag was er rust en blijdschap in me. Sommige dagen waren erg moeilijk.Het moeilijkste voor mij waren twee dingen. Ik had geen Bijbel, terwijl er een regel in de grondwet van Iran staat dat je mag vragen om een Bijbel in de gevangenis. Ik moest het doen met de teksten die ik in mijn hart had. Als ik moe werd, ging ik bidden in de gevangenistuin. Dit gaf me weer moed om door te gaan. Er was veel honger in de gevangenis naar Gods Woord. Er zijn veel mensen tot geloof gekomen in de gevangenis. Dit was een grote bemoediging voor mij. Het tweede dat erg moeilijk was, was dat ik mijn vrouw niet veel zag. Ook mijn familie had ik al sinds mijn gevangenschap niet meer gezien. Mijn vrouw had nierstenen in die tijd en kon het voedsel en het water in de gevangenis niet verdragen. Ik kon er niet voor haar zijn om haar te helpen. Dit was ook gelijk voor mij een motivatie om vol te houden.” 

Hoe gaat het nu met u?
“Niet alleen lichamelijk, maar ook geestelijk zijn wij erg moe. Wij zijn nu hier in Nederland, maar met onze gedachten zitten wij nog in Iran.  

Heeft u nog een boodschap voor ons?
“Het Woord van God is een schat! Mensen lezen er soms in uit gewoonte. Maar wees voorbereid op wat er gaat komen. Bewaar de Bijbel en zijn teksten in je hart, er bestaat een kans dat ook jullie in een gevangenis terecht zal komen vanwege het belijden van Zijn Naam. In Nederland gaat het op dit moment ook niet goed. Er komt een tijd dat we ook hier niet meer vrij christen mogen zijn.  Ik wil jullie het volgende meegeven: Kom dichterbij God, leef dichtbij Hem, daar alleen is ware blijdschap! Hij is de Weg, de Waarheid en het Leven. Vertrouw op Hem in alle moeilijkheden, Hij zorgt voor u.”